Fiscaal en juridisch nieuws 4e kwartaal 2026

De Jong Ars Juris biedt je graag de het fiscaal en juridisch nieuws voor het vierde kwartaal 2026 aan. Wij hebben op deze pagina de punten overzichtelijk voor je op een rij gezet. Hiermee kun je je voorbereiden op de nieuwe regels en het einde van bestaande regels. Zo kun je risico’s vermijden of een voordeel behalen.

De inhoud van dit bericht bevat algemene informatie en betreft de stand van zaken in wet- en regelgeving tot en met 6 oktober 2026. Hoewel bij de samenstelling daarvan de uiterste zorgvuldigheid is nagestreefd, aanvaarden wij geen aansprakelijkheid voor eventuele onjuistheden en de gevolgen daarvan.

tekening van groene bestelbus

Tips voor de ondernemer

Jazeker, bij de verhuur van bedrijfsruimtes is het onderscheid tussen middenstandsbedrijfsruimte en overige bedrijfsruimte zelfs cruciaal. Dit onderscheid bepaalt namelijk onder meer de mate van huurbescherming – en daarmee de rechtspositie van zowel de huurder als de verhuurder. Elk van deze bedrijfsruimtes kent zijn eigen regels.

In de praktijk wordt het onderscheid in eerste instantie bepaald aan de hand van de feitelijke activiteiten die vanuit het gehuurde worden verricht. In het Burgerlijk Wetboek vind je een opsomming van die activiteiten voor middenstandsbedrijfsruimtes. Maar die biedt niet altijd een sluitend antwoord.

Afspraken tussen partijen

De hoogste rechter, de Hoge Raad, heeft in het voorjaar verduidelijkt dat ook de afspraken tussen partijen zelf van groot belang zijn voor de kwalificatie als middenstandsbedrijfsruimte of overige bedrijfsruimte. Huurder en verhuurder kunnen er namelijk bewust voor kiezen om de regels voor middenstandsbedrijfsruimte van toepassing te verklaren, zelfs als de feitelijke activiteiten daar niet onder vallen.

Als dit uitdrukkelijk in de huurovereenkomst is vastgelegd, moet die keuze worden gerespecteerd. Hiermee accepteert de verhuurder een uitgebreidere huurderbescherming voor de huurder. Let op: de regels die gelden voor middenstandsbedrijfsruimtes zijn van semi-dwingend recht; je kunt hier dus niet ten nadele van de huurder van afwijken.

In de meeste gevallen kun je niet kiezen voor de regels van overige bedrijfsruimtes met zeer beperkte huurbescherming, wanneer het pand eigenlijk valt onder de regels voor een middenstandsbedrijfsruimte met een uitgebreidere huurbescherming. 

Kwalificatie met gevolgen

De gekozen kwalificatie heeft direct gevolgen voor de opzeggingsmogelijkheden, huurprijsbescherming, contractduur en verlengingsrechten. Een onjuiste of onduidelijke regeling kan leiden tot aanzienlijke juridische onzekerheid en procedures achteraf. Analyseer daarom goed of de feitelijke exploitatie wel aansluit bij het beoogde regime. Leg expliciet en ondubbelzinnig vast welk regime van toepassing is en laat toetsen of een afwijking juridisch houdbaar is.

Tip

Let hier ook op als de activiteiten van de huurder wijzigen. Als je dit als verhuurder toestaat, kan het type overeenkomst, en daarmee de huurbescherming, wijzigen zonder dat je het doorhebt.

Duurzaam ondernemen wordt steeds belangrijker. Je overweegt misschien ook om jouw mkb-bedrijf te verduurzamen, maar de financiering daarvoor rond krijgen is niet eenvoudig. Dat kan mogelijk wel sinds op 1 oktober jl. de nieuwe MKB Energiebesparingslening is opengesteld.

Je kunt per locatie zonder onderpand tussen de € 10.000 en € 250.000 lenen voor energiebesparende maatregelen. De rente is marktconform en staat de gehele looptijd vast. Je betaalt de lening in maximaal 7 jaar terug. Je komt voor de MKB Energiebesparingslening in aanmerking als jouw bedrijf:

  • jaarlijks minimaal 10 kWh elektriciteit of 5.000 m3 aardgas gebruikt;
  • in Nederland is gevestigd en hier een groot deel van het werk verricht;
  • investeert in maatregelen die op de lijst van de MKB Energiebesparingslening staan;
  • twee jaarrekeningen kan overleggen, zodat kan worden beoordeeld of de lening kan worden terugbetaald;
  • de maatregelen uitvoert op een locatie in Nederland;
  • binnen 18 maanden na de goedkeuring van de lening start met de maatregelen.

Je leent maximaal 100% van de kosten van de maatregelen op de hiervoor genoemde lijst. Daarvan mag je 50% gebruiken voor extra werk dat nodig is. Denk aan sloopwerk of aanpassingen die nodig zijn om de energiebesparende maatregelen te kunnen uitvoeren.

Je vraagt de lening aan bij de RVO. Het loket is open tot en met vrijdag 11 december 2026.

Heb je een jaaromzet van niet meer dan € 20.000 (excl. btw)? Dan kun je gebruikmaken van de kleineondernemersregeling (KOR). Je hoeft dan geen btw af te dragen, maar je hebt ook geen recht op aftrek van de btw die aan jou in rekening is gebracht.

Pas je de KOR al toe en wil je dit ook blijven doen na 1 januari 2027? Dan hoef je geen actie te ondernemen om de KOR voort te zetten. Wil je vanaf 1 januari 2027 geen gebruik meer maken van de KOR? Dan kan je je hiervoor online afmelden in Mijn Belastingdienst Zakelijk tussen 1 oktober en 3 december 2026.

Pas je de KOR nu niet toe, dan kan je je in deze periode online aanmelden in Mijn Belastingdienst Zakelijk voor toepassing van de KOR per 1 januari 2027.

Eerder verplicht afmelden

Kom je in het kalenderjaar met je omzet boven de omzetgrens van € 20.000? In dat geval moet je je direct afmelden voor de KOR. De omzet aan btw-vrijgestelde diensten (met uitzondering van de levering en verhuur van onroerende zaken en financiële diensten op het gebied van betaalmiddelen, kredietverlening en verzekeringen) tellen niet mee voor de omzetgrens. Maar de omzet van leveringen aan buitenlandse afnemers waarop je het 0%-tarief hebt toegepast, telt bijvoorbeeld wel mee.

Na het afmelden valt je (overige) omzet in de btw-heffing. Je moet dan btw afdragen en btw-aangifte doen. Dat geldt ook al voor de levering of dienst, waarmee je de omzetgrens hebt overschreden. Je krijgt vanaf dat moment ook weer btw-aftrekrecht voor zover je belaste leveringen en diensten verricht.

Tip

Ben je een zeer kleine btw-ondernemer met een jaaromzet tot € 2.200? Dan val je automatisch onder de KOR en ben je dus niet verplicht om je daarvoor aan te melden. Denk hierbij aan vrijwilligers en zonnepaneelhouders.

Incassodienstverleners moeten ingeschreven zijn in het Register incassodienstverlening van Justis om buitengerechtelijke incassowerkzaamheden te mogen verrichten. Een niet-geregistreerde (of geschorste) incassodienstverlener handelt onbevoegd. Vanaf 1 oktober 2026 heeft dit tot gevolg dat de schuldenaar geen incassokosten en oplopende rente hoeft te betalen. De schuldenaar moet wel de oorspronkelijke schuld betalen.

Het betalingsverzoek moet uitdrukkelijk informatie over de incassodienstverlener bevatten en zijn/haar registratienummer. Zo kan de schuldenaar nagaan of de incassodienstverlener is geregistreerd.

Let op: gerechtsdeurwaarders en incassoadvocaten staan niet in dit register. Zij zijn hiervan vrijgesteld omdat zij al aan strenge kwaliteitseisen moeten voldoen en zijn geregistreerd in hun eigen beroepsregisters.

Tip

Wil je een incassobureau inschakelen? Check dan eerst even of het bureau geregistreerd is in het Register incassodienstverlening.

Tips voor de DGA

Stel, je hebt jouw onderneming overgedragen aan je zoon. Hij heeft jouw onderneming voortgezet in de vorm van een eenmanszaak. Je hebt destijds een lijfrente bij hem bedongen. De zaken zijn goed gegaan en je zoon wil zijn onderneming inbrengen in een bv. Bij deze stap vraagt de lijfrenteverplichting aandacht. De lijfrente verlaat namelijk de onderneming van de oorspronkelijke voortzettende ondernemer (jouw zoon).

Strikt genomen is dat een verboden handeling, met fiscale gevolgen voor jou. Maar er is een escape. Je kunt deze fiscale gevolgen namelijk voorkomen door een verzoek in te dienen bij de inspecteur van de Belastingdienst om de lijfrente over te dragen aan de bv van je zoon.

Tips voor werkgevers en werknemers

Wil je jouw personeel een cadeau of lekkernij schenken met Sinterklaas? In dat geval heb je twee opties. Je kunt de kosten (waarde in het economisch verkeer) als loon verlonen of als eindheffingsloon aanwijzen en ten laste van de vrije ruimte brengen. Als de attentie is aan te merken als een klein geschenk, wordt ervan uitgegaan dat dit geen loon is en kun je de attentie belastingvrij verstrekken.

Aan deze kleinegeschenkenregeling zijn wel voorwaarden verbonden. Zo mag de factuurwaarde niet hoger zijn dan € 25, waarbij eventuele bezorgkosten niet meetellen als die kosten op de factuur zijn gespecificeerd, of apart zijn gefactureerd. Ook mag de attentie geen geld of waardebon zijn en moeten ook anderen in een dergelijke situatie een persoonlijke attentie geven.

Geen ‘klein geschenk’

Volgens de Belastingdienst is dit laatste bij een chocoladeletter niet het geval. De Belastingdienst vindt een chocoladeletter geen persoonlijke attentie en de verjaardag van Sinterklaas geen gelegenheid, waarbij anderen ook zo’n attentie zouden geven. Meerdere of alle werknemers krijgen immers een letter en je geeft deze niet voor een persoonlijke aangelegenheid van de werknemer. De chocoladeletter valt daarom niet onder de kleinegeschenkenregeling. Geef je jouw werknemers de chocoladeletter op de werkplek? Dan valt de letter onder een nihilwaardering.

Tip

Heb je nog ongebruikte vrije ruimte in 2026? Dan is een sinterklaascadeau misschien een mooie gelegenheid om hiermee iets te doen.

Jouw medewerkers moeten veilig en gezond kunnen werken. Daarom is de Arbeidsomstandighedenwet (Arbowet) er. Hierin staat onder meer dat je als werkgever een Risico Inventarisatie en Evaluatie (RI&E) moet uitvoeren. De RI&E brengt bekende onderwerpen in beeld, zoals fysieke belasting, persoonlijke beschermingsmiddelen en lawaai.

Een onbekender onderdeel zijn de psychosociale arbeidsrisico’s; de psychosociale arbeidsbelasting genoemd ofwel werkstress. Hieronder vallen te hoge werkdruk, seksuele intimidatie, pesten, discriminatie en agressie en geweld. Deze factoren kunnen verzuim, uitval en lagere productiviteit van medewerkers veroorzaken. Als werkgever kun je maatregelen treffen tegen werkstress. Een aantal voorbeelden:

  • Stel een gedragscode inzake (on)gewenste omgangsvormen op.
  • Stel een vertrouwenspersoon aan.
  • Doe onderzoek naar de oorzaken van werkdruk binnen je bedrijf.
  • Geef voorlichting aan je medewerkers over werkstress (zoals te hoge werkdruk) en de mogelijke consequenties daarvan.

De Nederlandse Arbeidsinspectie gaat de komende jaren de RI&E en het onderdeel werkstress serieus controleren tijdens haar inspecties.

Tip
Wil je je hier als werkgever extra in verdiepen? Dan kun je bijvoorbeeld een zelfinspectie laten uitvoeren door de Nederlandse Arbeidsinspectie, waar een rapport en actiepunten uit voortkomen.

Na een extreem droge en warme zomer, kan er ook de komende winter zich extreem weer voordoen. Kunnen je werknemers niet werken door slecht weer? Weet dan dat je in aanmerking kunt komen voor WW bij onwerkbaar weer. De uitkering bedraagt dan 75% van het loon. Als het onwerkbare weer langer duurt dan 2 maanden, wordt de WW-uitkering 70%. In de meeste cao’s staat dat de werkgever de uitkering aanvult tot 100%.

Van onwerkbaar weer is sprake bij vorst, ijzel en sneeuwval of bijvoorbeeld als het extreem lang regent. De uitkering gaat in na een aantal wachtdagen. Tijdens deze dagen betaal je het loon van de werknemer door. Bij vorst, ijzel en gladheid zijn er 2 wachtdagen per winterseizoen (1 november tot en met 31 maart). Bij lange tijd regen zijn er 19 wachtdagen per kalenderjaar. Bij andere weersomstandigheden zijn er 2 wachtdagen per kalenderjaar.

Aanvraag

Je dient je aanvraag volgens een vaste procedure in. Ten eerste moet je je elke dag dat het onwerkbaar weer is, op diezelfde dag vóór 10.00 uur melden in het werkgeversportaal bij het UWV. Je vult het aanvraagformulier in en laat dit controleren en ondertekenen door de werknemer die door het slechte weer niet kan werken. Daarna upload je het formulier via het werkgeversportaal.

Je vraagt de WW-uitkering aan na afloop van de kalenderweek waarin niet kon worden gewerkt. Er mag maximaal een half jaar zitten tussen de melding van onwerkbaar weer en de WW-aanvraag. De uitkering wordt binnen 6 weken na de aanvraag uitbetaald.

Voorwaarden

Aan de aanvraag zijn wel voorwaarden verbonden:

  • je kunt de WW-uitkering alleen aanvragen als hierover afspraken zijn gemaakt in een cao;
  • je hebt er alles aan gedaan om het werk door te laten gaan;
  • de werknemer heeft alleen niet gewerkt vanwege het slechte weer;
  • de werknemer werkt de hele dag niet en is niet aanwezig op de werkplek;
  • de werknemer kan minimaal 5 uur per week niet werken;
  • een werknemer met een contract van minder dan 10 uur per week kan minimaal de helft van zijn uren niet werken.

Tips voor elke belastingbetaler

Het is voor nieuwkomers op de woningmarkt moeilijk om een eigen woning te kopen. Wellicht overweeg je daarom om je kind een handje te helpen. De schenkingsvrijstelling eigen woning (de jubelton) is niet meer mogelijk, maar je kunt nog wel een familielening verstrekken aan je kind.

Daar zijn wel voorwaarden aan verbonden. Zo moet het rentepercentage van de lening zakelijk zijn. Als richtlijn hiervoor gelden de gangbare hypotheekrentetarieven. Daarnaast zijn de leenvoorwaarden en het risicoprofiel van je kind van belang voor het rentepercentage. Een optie kan ook zijn om de familielening te combineren met een banklening.

Neem ook andere aspecten mee bij de afweging om je kind een lening te verstrekken. Denk aan de box-3-gevolgen voor jouzelf en wat er met de lening in de toekomst moet gebeuren als jij er mogelijk niet meer bent.

Tip

Met een familielening kan je je kind helpen bij de aankoop van een woning. Maar wil je er zeker van zijn dat je daarbij alle relevante aspecten goed hebt meegewogen? Laat je dan bijstaan door een deskundig adviseur.

Bepaalde belastingschulden verminderen niet de rendementsgrondslag van box 3. Dit kun je omzeilen door een voorlopige aanslag aan te vragen en deze voor het einde van het jaar te betalen. Op de peildatum van box 3 (1 januari) heeft het bedrag van de aanslag zo toch de box-3-grondslag verlaagd.

Maar deze vlieger gaat niet op als de inspecteur de aanslag niet tijdig oplegt, waardoor je niet voor het einde van het jaar kunt betalen. Dat vindt de staatssecretaris niet rechtvaardig. Daarom keurt hij het volgende goed. Als je binnen acht weken voor het einde van het kalenderjaar (dat is 4 november 2026), schriftelijk om een (nadere) voorlopige aanslag verzoekt, wordt de desbetreffende belastingschuld al per 1 januari van het volgende kalenderjaar (peildatum) als betaald beschouwd bij de berekening van de box-3-grondslag. Dus ook als je de aanslag nog niet hebt betaald.

Als je komt te overlijden, regelt de wet wie jouw erfgenamen zijn en hoe jouw nalatenschap onder hen wordt verdeeld. Wil je hiervan afwijken, dan zul je een testament moeten laten opstellen.

Heb je dat al lang geleden laten doen? Dan is het verstandig om periodiek te onderzoeken of de inhoud nog steeds past bij je wensen. Je persoonlijke situatie kan immers door allerlei omstandigheden veranderen. Doet zich een dergelijke verandering voor en heb je een testament laten opmaken, laat deze dan beoordelen en zo nodig aanpassen.

Codicil

Als je kleding, sieraden of inboedelgoederen wilt nalaten aan een specifieke persoon, kun je dat ook regelen in een codicil. In dit document omschrijf je heel duidelijk om welk voorwerp of inboedelgoed het gaat en wie de persoon is, die het moet krijgen. Daarnaast moet het codicil handgeschreven en gedagtekend zijn.

Let op: een codicil werkt niet als je een geldbedrag (legaat) wilt nalaten. Dat moet altijd worden vastgelegd in een testament.

Tip
Een nadeel van een codicil is dat het kwijt kan raken. Ook kan het in handen komen van iemand die niet gediend is van de inhoud ervan. Die persoon kan het codicil om die reden willen vernietigen. Zorg er daarom voor dat jouw erfgenamen – en zeker jouw executeur – weten dat je een codicil hebt gemaakt en waar het te vinden is.

De minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening (VRO) maakte deze zomer bekend dat zij wettelijke minimumprestatie-eisen voor huurwoningen wil invoeren. Eigenaren van huurwoningen met een energielabel E, F of G moeten hun huurwoningen uiterlijk op 1 januari 2029 hebben verduurzaamd naar minimaal energielabel D.

Verhuur je een woning met een energielabel E, F of G en wil je investeren in energiebesparende maatregelen om deze woning(en) (tijdig) te verduurzamen? Maak dan gebruik van de Subsidieregeling Verduurzaming en Onderhoud Huurwoningen (SVOH). Naast voor verduurzamingsmaatregelen kun je ook subsidie krijgen voor onderhoudsmaatregelen en de kosten van een maatwerkadvies. Een erkend bouw- of installatiebedrijf moet de werkzaamheden uitvoeren.

Vraag je voor € 25.000 of meer subsidie aan? Dan vraag je deze al aan, voordat je begint met de verduurzamingswerkzaamheden. Vraag je voor minder dan € 25.000 subsidie aan? Dan vraag je deze aan binnen 24 maanden na de uitvoering van de verduurzamingswerkzaamheden. In dat geval moet je de investeringen dus voorfinancieren. De maximale subsidie bedraagt € 10.000 per huurwoning, of € 15.000 per woning inclusief een duurzame warmteoptie (warmtepomp of zonneboiler).

Monumentale huurwoningen

Verhuur je een monumentale huurwoning en wil je die verduurzamen? Dan kun je gebruikmaken van SVOH: Monumentale huurwoningen. Hiervoor gelden andere voorwaarden en subsidiebedragen.

Jouw woning moet dan de monumentenstatus hebben door een inschrijving bij het rijksmonumentenregister of een provinciaal of gemeentelijk erfgoedregister.

Sinds 1 juli 2026 is de vrijstelling voor producten uit niet-EU-landen tot € 150 afgeschaft en vervangen door een nieuwe tijdelijke (tot 1 juli 2028) heffing van invoerrechten. Dit moet de massale import van goedkope producten uit met name China ontmoedigen. Je betaalt nu per productgroep € 3 invoerrechten voor kleine afstandsverkopen van maximaal € 150 van buiten de EU. Voor een pakketje met drie verschillende producten betaal je dus al € 9 aan invoerrechten.

Daar komt vanaf 1 november 2026 per productgroep nog eens € 2 Europese afhandelingsvergoeding (handling fee) bij. Deze vergoeding moet weliswaar worden afgedragen door importeurs en webwinkels die de douaneaangifte doen voor e-commercezendingen van buiten de EU, maar zij zullen dit doorberekenen aan hun klanten. De handling fee dient om de extra kosten van de Douane voor de afhandeling van de pakketjesstroom van buiten de EU af te dekken.